Over professor Barge

Johannes Antonius James Barge (1884-1952) studeerde medicijnen in Amsterdam en werd in 1919 hoogleraar Anatomie en Embryologie in Leiden.

Barge was vlak voor de oorlog (1937-1938) Rector Magnificus van de Universiteit Leiden. Hij stond bekend om zijn strenge optreden tegen nationaal-socialistische propaganda door studenten.

Voor de Duitse bezetter gold Barge als een duidelijk voorbeeld van iemand met een anti-nationaal-socialistische gezindheid. In 1940 gaf hij drie keer per week colleges aan geneeskundestudenten over fysische antropologie, waarin hij met wetenschappelijke argumenten de nationaal-socialistische rassenleer naar het rijk der fabelen verwees. De hoorcolleges trokken al gauw ook de belangstelling van studenten van andere faculteiten. Op 26 november 1940, precies op het uur dat professor Cleveringa in een rede voor een bomvol groot auditorium zijn afkeuring uitsprak over het ontslag van zijn joodse collega Meijers, maakte professor Barge in een openbaar college korte metten met de opvattingen van de nazi’s over de rassenleer. Hij legde uit dat er geen sprake is van een Duits ras en een joods ras. Daarmee ging Barge lijnrecht in tegen de Duitse theorieën op dit punt. Zo droeg ook Barge bij aan het ontstaan van de sfeer van protest, waarin de sluiting van de universiteit als Duitse strafmaatregel onafwendbaar werd.

De medische studenten besloten zich bij de staking van de rechtenstudenten aan te sluiten. Professor Barge werd na zijn college niet gearresteerd. Dat gebeurde pas anderhalf jaar later.

Op 4 mei 1942 werd hij tijdens de eerste massale arrestatiegolf onder de politieke en maatschappelijke bovenlaag opgepakt en naar het gijzelaarskamp in Sint-Michielsgestel overgebracht. Na zijn vrijlating in december 1942 vond Barge onderdak in de woning van zijn in augustus 1942 op transport gestelde collega Meijers. Zeker van zijn leven was hij er niet. Na verloop van tijd dook hij onder, op verschillende adressen. Met de bevrijding kwam er een einde aan dit zwervende bestaan. Hij hervatte de werkzaamheden aan de universiteit en bleef hier tot 1949 werken. Drie jaar na zijn vertrek van de universiteit overleed hij.
Bronnen: